Vakantie
23 juli 2010Na de Pyreneenvakantie heb ik even in een dip gezeten, niet wat het fietsen betreft maar wel wat het schrijven betreft: noem het luiheid, laksheid maar het was grotendeels gebrek aan inspiratie.
Enfin, nadat ik door enkele mensen er op aan was gesproken dat ik niets geschreven had de laatste weken , heb ik besloten om de draad maar weer op te pakken.
Vorige week donderdag stond er een flinke puist met wind, dit waren we de laatste weken eigenlijk een beetje ontwend. Met Jan v.O. als (enige) fietspartner wist ik dat het geen ritje zou worden om de benen even los te fietsen. In geval van nood (lees opgeblazen benen of geen adem meer) had ik altijd nog plan B voor handen d.w.z. gewoon bij Jan in het wiel gaan zitten. Ik wist van mezelf echter wel dat ik dan op sterven na dood moest zijn voordat ik Jan zijn achterwiel zou kiezen.
Nu blijkt Jan in het dagelijks leven ook bloeddonor te zijn en het kwam mij wel goed uit, dat hij 2 dagen voor onze trainingsrit bloed had gegeven, zodat hij wat minder zuurstof in zijn bloed had.
Bij het viaduct in Wouw, wind tegen, had ik zelf ook wel het gevoel dat ik aan het zuurstof moest, maar gelukkig komt er na zo`n stukje omhoog, ook een stukje omlaag en dan recupereer ik wel weer. We zijn via Zundert, Baarle Nassau, uiteindelijk in Chaam terecht gekomen en daar hebben we een koffiestop gehouden bij de bakker. Ik kan deze zaak bij iedereen aanbevelen die een keer die kant uitfietst, je kunt uit wel 100en koeken kiezen (ze hebben ook bolussen), en dan met een koffie of cola op het terras, buiten dan wel binnen, de benen even strekken. Met een goedgevulde maag zijn we weer richting Wouw gefietst, de wind stond niet echt gunstig dus dat betekende dat we hem tegen hadden . Bij thuiskomst stond er 123 km op de teller, 29 gem. en ik heb de gehele route naast Jan gefietst ( behalve dan die 300 meter dat het fietspad in mijn ogen te smal was om naast elkaar te blijven rijden). `s Avonds voelde ik overigens wel dat ik me “bovenmatig” had ingespannen!
Deze week had ik nog enkele dagen vakantie en Toon zag de bui al hangen dus vóór aanvang van mijn vakantie, wist hij nog te melden dat hij niet elke dag ging fietsen!
Donderdag stond op de agenda om naar de Ardennen te gaan en het blijkt maar weer dat veel mensen liever werken dan fietsen want we waren met z`n 3 en: Toon, Jac v.R. en ik. Ik ben er achter dat Toon van alles uit de hoek zoekt om niet te hoeven fietsen en dat hij iets met schoenen heeft. Liet hij in de Pyreneeën zijn fietsschoenen de laatste dag nog in het hotel achter, nu bleek toen we net voorbij Stabroek waren, dat hij zijn fietsschoenen thuis had laten staan (ik voelde op dat punt, de inspiratie om iets op mijn weblog te zetten, weer opborrelen) . Op het moment dat hij daar achter kwam, had hij veel weg van de vertwijfelde Twan die op het perron achterbleef toen onze trein vertrok. Echter, waar Twan met zijn handen ontredderd omhoog stond, sloeg Toon ze voor zijn gezicht. Jac is onmiddellijk teruggedraaid ( en ik heb wijselijk mijn mond gehouden alhoewel er wel iets op het puntje van mijn tong lag). Wel een geluk dat we nog niet gearriveerd waren in de Ardennen maar dat hadden we dan ook wel opgelost. Toon had dan met Jac zijn auto als volgwagen kunnen fungeren en naar de bakker kunnen rijden om stokbrood in te slaan zodat Jac en ik ons alleen op het fietsen hadden kunnen concentreren (zoals we in de Pyreneeën gewend waren).
In ieder geval zaten we om 9.00u op de fiets, de weg was nog nat van de regen maar die zou al snel opdrogen. Ik merkte dat ik echt voordeel had van onze Pyreneeënvakantie want bij het kerkje, 20% omhoog, ging ik redelijk goed omhoog terwijl ik normaal gezien altijd het gevoel heb dat ik moet kotsen. (Dit kan overigens ook komen door de hoeveelheid pannenkoeken die ik bij de start altijd naar binnen werk en die ik nu niet bij had).
De eerste 30 km verliepen probleemloos maar daarna kreeg ik tijdens een langere afdaling een “Schlec(ht)k”momentje want mijn ketting liep er af. Toon en Jac waren uiteraard al niet meer in beeld dus moest ik zelf proberen die ketting er weer op te krijgen. Omdat ik natuurlijk geen vuile handen wilde , heb ik mijn eten uit het broodzakje gehaald en het broodzakje (we hebben niet allemaal chirurgenhandschoenen voor handen zoals Toontje) als handschoen gebruikt. Het lukte mij niet zo 1, 2, 3 om de ketting er op te krijgen en dan zie je maar weer dat het voordelen heeft om vrouw te zijn want even later stopte er een vriendelijke Walloniër die al aanbood om mij in zijn auto te vervoeren. Dat hoefde nu ook weer niet van mij( ik mankeerde tenslotte niets) en nadat ik naar mijn ketting wees, begreep hij wat het probleem was. Deze beste man had het euvel redelijk snel verholpen en ik heb hem “mille fois” bedankt maar hem geen hand meer gegeven want die (van hem) zaten helemaal onder het smeer.
Bij het bakkertje zijn we op het terras neergestreken en Jac wist meteen te melden dat we nu de taart met nog minder mensen (de 1e keer waren we met 12en en de 2e keer met 6en) hoefden te delen. Ik heb hem gezegd dat hij de volgende keer beter alleen kan gaan. Omdat de klanten bij de bakker op de stoep stonden aan te schuiven , was het “snel” afrekenen wel een probleem maar dat heb ik opgelost door de bakkersknecht achter de oven uit te trekken.
Bij het vervolgen van onze rit waanden we ons weer in de Pyreneeën want er liep her en der wat vee over straat. Bij 1 passage, hebben Toon en Jac mij nog gered van een lancering want de boer in kwestie had een touw over de weg gespannen, om zijn vee naar een andere wei te kunnen drijven en dat zou ik zelf niet op tijd gezien hebben.
`s Middags zijn we nog een keer bij de Italiaan gestopt, want ondanks de late start en mijn Schleckmoment, hadden we het tempo er redelijk goed in zitten en lagen we nog voor op het(virtuele) schema. Om 15.15u waren we terug op de camping, eerst de fietsen geladen, vervolgens de douche in om daarna nog eens dubbel te checken of Toon zijn fietsschoenen wel in de auto had gelegd. Het mooiste moment van de dag is toch altijd wel weer het evalueren van de rit, het nagenieten op het terras (en het observeren van de andere campinggasten die ook op het terras zitten). We wilden toch de finish van de touretappe zien voordat we naar huis reden, vooral vanwege het feit dat we enige weken geleden zelf de Tourmalet beklommen hebben (zij het dan met een ander publiek). De mist, de overdaad aan al dat fietspubliek langs de kant, de strijd tussen Contador en Schleck, maakte wel dat het een mooie etappe was om naar te kijken. We hebben ook nog opgelet of we Jan v.O. (die tussen dat fietspubliek op de Tourmalet stond) niet hoorden (zien kon niet eens met die mist) maar we hebben hem niet kunnen traceren.
Tegen zessen zijn we richting huis gereden, geen file op de weg en het was rond 19.30u dat Jac die dag, voor de 3e keer bij ons aanreed.

Tegenliggers
